reizen

werkw.
Uitspraak:  [ˈrɛizə(n)]
Vervoegingen:  reisde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gereisd (volt.deelw.)
(van iemand) je vrijwillig verplaatsen naar ergens anders dan waar je bent
Voorbeelden: `elke dag op en neer reizen tussen je werk en je huis`,
`drie maanden door Zuid-Amerika reizen`

Dat reizen mijn lust en mijn leven is, begrijpt geen mens.
Past niet in het plaatje van de autist.
Nochtans is reizen voor mij makkelijker dan voor een neurotypical:

  • vermits ik mij nergens thuis voel, heb ik op reis geen last van heimwee,
  • mensen vind ik altijd vreemd, ongeacht hun nationaliteit,
  • het is minder gênant te verdwalen op een vreemde locatie dan in je woonplaats de weg te moeten vragen naar je eigen huis.

Aan groepsreizen doe ik niet. Socializen is sowieso niet mijn ding, laat staan in het buitenland. Ik reis het liefst op mijn eentje, of per hoge uitzondering met 2.

De organisatie vooraf neemt veel tijd in beslag want ik ben een ultra  reizigster. Zo heb ik de gewoonte om films te bekijken en boeken te lezen over mijn reisbestemming, begeleid door hapjes uit de cuisine locale. Een goed voorbereid autist is er twee waard.

Het liefst reis ik per trein, zonder reservatie. Ik beland dan veelal tussen de locals en niet tussen de lawaaierige kuddes toeristen.

Vliegen vind ik minder aangenaam omdat je lange tijd geprangd zit tussen wildvreemden die niet altijd even fris ruiken. Gelukkig kan je op langeafstandsvluchten non-stop film kijken. Cabinepersoneel is evenwel niet bereid de veiligheidsprotocols en vluchtinfo fast forward te zetten, zodat er meer tijd overblijft voor cinema.

De combinatie van mijn talenkennis en solo reizen garandeert dat ik ‘low profile’ blijf. Op die manier kan ik tussen de buurtbewoners op café de lokale krant lezen, een babbeltje slaan met de handelaars en adressen van restaurants en kleinschalige evenementen ontfutselen.

Het is een misverstand dat soloreizigers geen sociale contacten hebben. Mijn ervaring is dat locals makkelijker een gesprek aangaan met enkelingen, mits ze de taal van het land spreken.

Hoewel ik op reis ook musea en monumenten bezoek, spendeer ik het grootste deel van mijn tijd in parken, op straat, op café en in film- of theatervoorstellingen. Op die manier ga ik op in het straatbeeld en word ik niet als toerist behandeld.

Leve Airbnb: ik woon een aantal weken tussen de locals, vaak in minder toeristische buurten, met een ruim aanbod aan betaalbare winkels en horeca. Omdat ik zoveel mogelijk dezelfde zaken frequenteer, word ik na een tijdje als een vaste klant onthaald. Wanneer ik behoefte heb aan rust, trek ik me terug in mijn huurappartement, kijk tv en lig een halve dag in bad.

Oost, west, opperbest!