boeken

het boek, zelfst.naamw.,
Uitspraak: [buk],
Verbuigingen:  boek|en (meerv.)

aantal bedrukte bladen die een geheel vormen

Voorbeeld:  `een boek lezen`
een open boek  (iemand die open is over zichzelf)
buiten je boekje gaan  (iets doen wat niet mag of niet hoort)
`Met die uitspraak ging ik buiten mijn boekje.`


Liever mijn rechterarm missen, dan niet meer lezen. Ik besteed er dagelijks minstens 3 uur aan en laat er mijn nachtrust voor. Er zijn periodes dat ik mijn lectuur enkel onderbreek om vlug, vlug in orde te zijn met mijn zelfopgelegde regel van 5 verplichte dagelijkse contacten.

Van jongs af ben ik geobsedeerd door letters. Toen ik als 6-jarige de snelle ondertiteling op TV niet kon volgen, heb ik prompt een klachtenbrief naar de toenmalige BRT  geschreven. Mijn familie was trots dat ik die op TV mocht voorlezen, maar ik vond het vooral ergerlijk dat er geen gevolg gegeven werd aan mijn dringend verzoek om het tempo te verlagen.

Dus heb ik mij toegelegd op snellezen. Nog steeds ligt mijn leestempo hoog: 3 maal sneller dan gemiddeld. Hierdoor kan ik per week een viertal romans of naslagwerken lezen, zonder mijn andere activiteiten te verwaarlozen. In mijn handtas zit altijd een boek, want ik hoef mij niet af te zonderen om te lezen, aangezien ik in staat ben mijn omgeving weg te filteren.

Als kind was lezen een manier om een rustige cocon te  creëren op de lawaaierige boerderij van mijn grootmoeder. Tijdens lange communiefeesten vond je mij met een boek onder tafel. Meestal kwam een volwassen pretbederver mij aansporen om deel te nemen aan een of andere jolige groepsactiviteit. Na een kwartiertje hield ik mijn sociale bijdrage voor bekeken en hervatte ik mijn lectuur onder een andere tafel.

Toen ik als achtjarig roodkapje wegkwijnde op zomerkamp, was het hoogtepunt van mijn dag de platte rust. Je mocht niet met andere kindjes praten –zij lieten mij eindelijk een half uur met rust- en enkel brieven schrijven of lezen. Jommeke, Suske en Wiske, Kuifje en de Rode Ridder  begeleidden mij doorheen het lange  kamp. Dankzij mijn kamergenootjes ontdekte ik een nieuwe wereld want  stripverhalen waren thuis -net als barbiepoppen- strikt verboden.

Ik ben een veellezer: romans, stripverhalen (!), tijdschriften, naslagwerken, filosofische teksten, kookboeken, …

Lezen zorgt niet alleen voor prettige afzondering maar is  bovendien een aangename  manier om mijn kennis van het Frans en Engels te onderhouden.

Tenslotte blijkt uit studies dat mensen die veel (fictie) lezen meer empathie vertonen. Het heeft mij in ieder geval geholpen om de gevoelens van anderen te herkennen. Begrijpen blijft een work in process.